Het Lake District in Engeland van 27 mei t/m 1 juni 2008.

Na een goede en ook rustige overtocht, komen we op tijd aan in een druilerig New Castle. Na de ontscheping en de paspoort controle kan de reis beginnen. Eerst maar even de regenpakken uitgedaan, want het lijkt mee te vallen. New Castle uit is altijd wat rommelig, wennen aan links rijden, druk, maar uiteindelijk zijn we eruit. De route voert ons langs Hadrian’s wall, dezelfde weg die we ook terug uit Schotland hebben gereden. Behalve druilerig is het ook mistig en koud, dus bij een korte stop de regenpakken maar weer aangedaan. De merendeels kleine weggetjes met veel landbouw verkeer zijn modderig en nat. Binnen de korste keren zien de motoren er dan ook uit als “stront karren”. Een culturele foto stop gehouden bij “Lanercost priory”, waarna we de reis weer hebben hervat. In één van de passerende dorpjes een lunch stop gehouden, waarna we de route weer hebben hervat over de A686. Een schitterende weg over de “Hartside pass”. Jammer genoeg lag de pas grotendeels in de mist, zodat er geen mooie uitzichten waren. Zo rond half vijf bereikten we ons logeer adres “The Belsfield Hotel”. Vandaag 200 kilometer gereden. Na het inchecken snel opfrissen en een biertje genomen. Het hotel lag op 2 minuten lopen van het centrum van Bowness, dus eet – en drink mogelijkheden in overvloed. Vanwege een Engelse vakantie was het erg druk en daarom moeilijk voor 8 personen een plaatsje te vinden in de lokale eettenten. Uiteindelijk hebben we prima gegeten en een lekker biertje gedronken.

06_vertrek-uit-IJmuiden_001_jpg

Het weer is goed, bewolkt maar droog en vandaag gaat het echt beginnen, 198 kilometers over spannende namen met grote helling percentages staan ons te wachten. De “Kirkstone pass“, bijgenaamd “The Struggle”, de “Honnister pass“, “Whinlatter pass“, “Hardknott pass” en de “Wrynose pass“. Helaas……… al op de Honnister pass gaat het fout. Mark gaf bij uitrijden van een bocht wat gas, maar vergat dat we 25% naar beneden gingen, waardoor de snelheid teveel opliep en hij het bij de volgende bocht niet meer kon beremmen. Onderuit en tegen de alom aanwezige stenen muur. Motor afgeserveerd, zelf gelukkig niets. De hoek van de voorvork was 90 graden geworden, e.e.a. was afgebroken dus verder rijden was niet mogelijk. Een passerende Engelsman met een pick-up truck was zo vriendelijk om Mark en de motor mee terug te nemen naar het dorp. Bij het vertrek van de resterende rijders naar het dorp, moesten we stoppen achter een bus op de 25% helling, waarna bij het wegrijden Henny onderuit ging. Op wat blauwe plekken en een afgebroken step na, liep dat goed af en kon hij verder rijden. Uiteindelijk hebben we in het dorpje koffie en gebak gekregen van de bewoners, de motor van Henny gerepareerd, wat verzekeringszaken geregeld en met Mark bij Paul achterop terug naar het hotel gegaan, waar we verder zijn gegaan met het regelen van vervangend vervoer. Uiteindelijk vandaag 123 km gereden. ‘s-Avonds bij de chinees gegeten en nog wat gedronken. Morgen weer een dag.

Het weer is vandaag weer beter dan gisteren, maar in de ochtend uren hebben we lang zitten wachten op bericht van de verzekering over vervangend vervoer. Echt schot zit er niet in, hoewel ze gisteren voortvarend van start gingen. Er staan vandaag 176,5 kilometers op het programma, maar vooralsnog is het wachten. Uiteindelijk besluiten we met z’n zessen te gaan rijden. Henny, toch wat stijf na de val van gisteren, besluit bij Mark te blijven en op bericht van de verzekering te wachten. Er zit een lus in deze route en zodra ze vervoer hebben bellen ze zodat we op een bepaald punt elkaar kunnen treffen. Tot die tijd gaan ze maar een stukje varen. Vanaf het hotel rijden we een klein stukje naar de veerboot die ons over het meer zal zetten. Hierna komen een flink aantal kleine weggetjes. Via het “Tarn Haws” meer komen we bij het “Coniston” meer, waar we omheen rijden. Via een aantal plaatsjes en leuke kleine weggetjes, door deels hoge muren omzoomd, komen we bij het begin van de “Hardknott pass” waar we een korte fotostop hebben gehouden en de voor ons rijdende auto’s een flinke voorsprong hebben gegeven. Uiteindelijk zijn we gaan rijden, na een rustig begin werd het werken, 30% met haarspeld bochten en slecht asfalt. We hebben geluk gehad dat er geen tegenliggers aan kwamen, zodat we achter elkaar naar de top konden rijden. Tijdens de afdaling werd het drukker met tegenliggers, maar uiteindelijk heeft iedereen zonder kleerscheuren dit spektakel overleefd. Daarna zijn we doorgereden naar “Wast water” en het kleine plaatsje “Wasdale Head”. Hierna zijn we met een boog via mooie ruime wegen naar het hotel gereden waar we om zes uur weer aankwamen. Mark en Henny hadden de dag doorgebracht op het water en in het dorp, want vervangend vervoer…. helaas. Geen beste service van de ANWB. Er was een fax niet doorgezonden en allerlei andere, in onze ogen uitvluchten, zoals: “we hebben het doorgegeven aan de AA, deze nemen contact met u op en wij kunnen niets meer doen” heeft toch een stempel op deze mooie dag gedrukt. ‘s-Avonds bij de tapas bar gegeten en gedronken en op naar morgen. Dan gaan we al weer terug naar de boot en of Mark een vervangend vervoer middel heeft of dat hij achterop gaat zien we morgen wel.

Vandaag moeten we naar de boot. Het weer is schitterend, strak blauwe lucht. We hadden besloten wat vroeger te ontbijten en om negen uur te vertrekken. Tijdens het ontbijt werd Mark gebeld dat hij zijn vervangend vervoer kan halen. Een kilometer of 40 de verkeerde kant op. Als hij dat doet moet hij rechtstreeks naar de boot rijden, terwijl wij een leuke rit hebben uitgezet van 233 kilometer. Na kort beraad wordt besloten dat Mark bij Martin achterop de BMW gaat en dat ik de rugzak van Mark achterop zal binden. Zo gezegd zo gedaan en om ongeveer kwart over negen zijn we vertrokken. Vandaag geen passen en 14% is het maximum wat we zijn tegen gekomen. We zijn door een mooi natuurgebied gereden met veel schapen en runderen. Van het ene wildrooster naar het andere. Uitkijken voor de dartele lammetjes want voor je het weet schieten ze de weg op. Gelukkig heb ik op de VRO-1 geleerd over een “hond” te rijden, dus een lammetje zal ook geen probleem zijn. Ik zit er alleen niet op te wachten. De enige beesten die ik heb dood gereden waren (groot formaat) insecten, waarbij de drab langs je vizier naar beneden liep. Na de lunch zijn we spoorslags weer verder gegaan en rond een uur of drie waren we weer bij de boot. Ruim op tijd om in te schepen. Het aantal motoren was gigantisch. Na het inschepen en sjorren van de motoren, wat op dit schip de “Princess of Norway” wat moeilijker ging omdat alle motoren op elkaar gepropt stonden, onze hutten opgezocht, gedoucht, omgekleed en naar het achterdek voor een biertje. De wind is nihil, dus dat beloofd weer een rustige overtocht. ‘s-Avonds lekker gegeten en van de show genoten. Nog even en we zijn weer thuis. De boot is op tijd in IJmuiden en na een goed ontbijt en een rommelige ontscheping vanwege het grote aantal motoren zijn we om ongeveer tien uur weer thuis. Bij mij nog een bakje gedronken, waarna iedereen huiswaarts is gegaan. Rolf en ik hebben nog even onze motoren voor de deur afgespoten en om twaalf uur was alles opgeruimd en kon de motor weer schoon de garage in. We zijn vertrokken met acht motoren, een Harley, een BMW, twee Fazer’s, twee Ducaties, een Virago en een Vstrom. Een van de Ducaties is niet mee terug gekomen. De verzekering vervoert hem terug. Het was gezellig maar de valpartijen hebben echter wel een stempel op dit reisje gedrukt. Gelukkig is het slechts materieel en op wat blauwe plekken en gekweste ego’s na zijn er geen ernstige verwondingen.

Op naar volgend jaar zullen we maar zeggen. Waarheen?…. Daar moeten we nog over nadenken.

Contact Us

We're not around right now. But you can send us an email and we'll get back to you, asap.

Not readable? Change text. captcha txt